<


“Minimaal miljard euro nodig voor behoud toppositie digitale infra-sector”

FCA-Fibervakdag-2021

 

Bij het Bouw & Infra Park in Harderwijk kwamen meer dan 200 professionals bijeen voor de vierde editie van de Fiber Vakdag; hét jaarlijkse event van de Fiber Carrier Association (FCA) om te discussiëren over hoe we onze toppositie in de toekomst kunnen behouden.

Nederland staat al jaren in de Europese top op het gebied van connectiviteit en digitale infrastructuur. Maar deze toppositie komt in gevaar als de digitale sector en de overheid niet intensiever gaan samenwerken.

Andrew van der Haar (directeur FCA: “Uit cijfers van het ACM Telecommonitor Rapport blijkt dat er vorig jaar een recordaantal van 500.000 nieuwe glasvezelaansluitingen zijn gerealiseerd. Verder zijn er op dit moment 3,7 miljoen huishoudens de mogelijkheid tot glasvezel. Binnen tien jaar zijn 8 miljoen huishoudens in Nederland aangesloten op glasvezel.”

Haagse dynamiek

Maar de aanleg van veel glasvezelnetwerken zorgt niet automatisch voor innovatie. Daarvoor zijn veel meer elementen en acties nodig. Een belangrijke start om de toppositie te behouden, is onderlinge samenwerking tussen de overheid, datacenters en fiber carriers. En daar komt het nodige bij kijken. Zo sprak Michiel Steltman, directeur Stichting Digitale Infrastructuur Nederland (DINL), in zijn presentatie over hoe Nederland zijn sterke positie als digitale hub kan behouden. De sleutel tot succes hiervoor ligt volgens Steltman bij een goede samenwerking tussen Politiek Den Haag en de gehele sector. “Jaren geleden dachten dat we als sector moesten roepen om erkenning. Dit werkte averechts, omdat de Haagse dynamiek anders in elkaar steekt. Als je de overheid vraagt, moet je als digitale infrasector precies weten wat je wil.”

Meer geld nodig vanuit Den Haag

Ook Kees Verhoeven, oud Tweede-Kamerlid en woordvoerder Digitalisering voor D66, weet hoe je beleidsbepalers het beste kan bereiken. Volgens hem moet dat de digitale sector zichzelf meer zichtbaar maken voor het ‘Haagse netvlies’. “Nationale regie en samenwerkingen zijn nodig om tot oplossingen te komen. Hiervoor is ook vanuit Den Haag ook minimaal een miljard euro nodig in plaats van de begrote 140 miljoen euro, zodat we de concurrentiestrijd met Amerika en China bij kunnen benen”, aldus Verhoeven. Verder pleitte Verhoeven voor een Minister van Digitale Zaken én een staatssecretaris van Digitale Infrastructuur die ervoor moeten zorgen dat er een concreet omkaderd plan moet komen voor de toekomst.   

Wetgeving moet onnodige belemmeringen tegengaan

Ondertussen wordt er op nationaal en lokaal bestuurlijk niveau rekening gehouden met de ontwikkelingen uit de (glasvezel)sector. Zo gaf David Yoshikawa, coördinator digitale connectiviteit en lokaal beleid bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK), in zijn lezing informatie over het Actieplan Digitale Connectiviteit. In dat plan wordt onder andere aandacht besteed aan lokaal beleid en het voorkomen van onnodige belemmeringen in de uitrol van glasvezel. Aanvullend daarop informeerde Feyo Sickinghe, Principal Regulatory Counsel bij advocatenfirma Bird&Bird, het publiek over de reikwijdte van Telecomcode en waar onder andere grondeigenaren en netwerkexploitanten straks rekening mee moeten houden wanneer zij glasvezel willen aanleggen.

Vooruitzichten investeerders positief

Hoeveel geld gaat er in de markt om en wat voor effect dat heeft op de Nederlandse infrastructuur en de glasvezelsector? Daarom ging het financiële panel met drie experts in gesprek met Andrew van der Haar. Het panel, bestaande uit Koen van Proemeren (NIBC Bank), Timo Buijs (ABN Amro) en Joeri van Bogaert (Capabilities) sprak onder andere over de investeringsruimte, de kansen voor investeringspartijen en de overbouw in Nederland. Buijs: “De vooruitzichten voor investeerders zijn positief. Er is namelijk nog genoeg en voldoende te besteden voor de aanleg van glasvezelnetwerken in Nederland, waardoor men op langere termijn profijt kan hebben.”

Volgens Van Proemeren zijn er ook minder risico’s in Nederland in vergelijking met de Verenigde Staten, omdat in ons land en in Europa bewezen is dat het aanleggen van glasvezel op termijn rendement oplevert voor investeringspartijen. Over de overbouw in Nederland waren de drie experts het niet met elkaar eens. Van Bogaert: “Ik vind overbouw onzinnig, omdat je beter een investering kunt doen op één heel sterk netwerk in plaats van drie netwerken langs elkaar heen. Hierdoor kunnen diverse partijen samen in één netwerk een investering doen voor de toekomst.”

 

FCA-Fibervakdag-2021-2-800px

      

Slimme toepassingen voor een vitale infrastructuur

Op de Fiber Vakdag was er ook genoeg aandacht voor nieuwe technieken en innovaties die moeten bijdragen aan de (digitale) toekomst van Nederland. Om een antwoord te krijgen op de vraag hoe Nederland innovatief blijft, gaf Marianne Mulder van Stichting Belangenorganisatie Grondzuigen (SBG) een antwoord. Door de inzet van grondzuigauto’s, kan bij het aanleggen van glasvezelkabels graafschade worden voorkomen. Hierdoor heeft de leefomgeving veel minder hinder van de werkzaamheden.

Het verbeteren van de publieke ruimtes, zodat mensen minder last ervaren, stond ook centraal in de sessie van Reindert Hommes (Tallgrass). Hommes liet met enkele voorbeelden uit de praktijk, zoals slimme lantaarnpalen in Den Haag, zien hoe slimme toepassingen kunnen zorgen voor een ‘vitale infrastructuur’.

De vraag om meer financiële daadkracht van de overheid vanuit de digitale sector is iets wat volgens de aanwezigen zeker een goede eerste stap is om de toppositie van Nederland in de toekomst veilig te stellen. Daarnaast is intensievere samenwerking tussen het bedrijfsleven, de gehele sector en de overheid van cruciaal belang zodat innovaties als de grondzuigauto’s, 5G, en toekomstige producten kunnen floreren.