AI jaagt Europese datacentermarkt aan, terwijl stroomgebrek groei naar nieuwe regio’s duwt

De Europese datacentermarkt groeit in hoog tempo door en kan eind 2026 een totale capaciteit van circa 13 GW bereiken. Vooral de snelle opkomst van infrastructuur voor AI zorgt voor extra vraag. Tegelijkertijd wordt steeds duidelijker dat niet alleen vraag, maar vooral de beschikbaarheid van elektriciteit bepaalt waar nieuwe datacentercapaciteit kan worden gebouwd. Daardoor verschuift een steeds groter deel van de markt weg van traditionele datacentersteden als Frankfurt, Londen, Amsterdam, Parijs en Dublin naar secundaire en kleinere Europese locaties.
Dat beeld komt naar voren uit de cijfers over het tweede kwartaal van 2026 van vastgoed- en datacenterspecialist CBRE (link). De cijfers laten niet alleen sterke groei zien, maar ook een Europese datacentermarkt die geografisch snel verandert.
Vraag naar AI-capaciteit verviervoudigt
Een van de opvallendste ontwikkelingen is de sterk toegenomen vraag naar colocatiecapaciteit die specifiek voor AI-toepassingen wordt gebruikt. In de eerste zes maanden van 2026 werd volgens CBRE 420 MW aan datacentercapaciteit verkocht aan zogenoemde neocloud-providers. In dezelfde periode van 2025 ging het nog om 89 MW.
Daarmee is het volume in een jaar tijd meer dan verviervoudigd. Neoclouds zijn gespecialiseerde infrastructuurproviders die zich onder meer richten op het aanbieden van grootschalige GPU-capaciteit voor AI-training en inferentie. Zij sluiten bovendien steeds grotere contracten af om zich tijdig van voldoende stroom en datacentervermogen te verzekeren.
Ook de houding van datacenteroperators tegenover deze relatief nieuwe groep klanten verandert. Waar providers twee jaar geleden volgens CBRE nog terughoudend waren bij het afsluiten van contracten met neoclouds, is die voorzichtigheid inmiddels duidelijk afgenomen. AI-infrastructuur wordt steeds meer een regulier onderdeel van de Europese colocatiemarkt.
Veel van deze nieuwe capaciteit komt terecht in Noord-Europa. Vooral de Scandinavische landen zijn aantrekkelijk vanwege de relatief ruime beschikbaarheid van elektriciteit en het grote aandeel hernieuwbare energie. Dat maakt het daar eenvoudiger om grote AI-installaties te realiseren dan in veel traditionele datacenterregio's.
Europese markt richting 13 GW
Naast colocatie investeren ook hyperscalers fors in eigen datacenters. CBRE verwacht dat de hoeveelheid zogenoemde hyperscale self-build-capaciteit eind dit jaar ongeveer 4,3 GW bedraagt. Dat zou 22 procent meer zijn dan in 2025.
In totaal wordt voor 2026 ongeveer 777 MW nieuwe hyperscaler-capaciteit verwacht. Dat zou het zeventiende jaar op rij worden waarin dit deel van de Europese markt met dubbele cijfers groeit.
Hyperscalers bouwen deze infrastructuur onder meer om bestaande cloudregio's uit te breiden en om meer capaciteit beschikbaar te maken voor AI. Ongeveer 70 procent van de hyperscaler self-build-capaciteit die in het tweede kwartaal operationeel was, stond in Ierland, Nederland, Zweden en België.
De colocatiemarkt blijft desondanks aanzienlijk groter. CBRE verwacht dat de Europese colocatiecapaciteit dit jaar met ongeveer 18 procent groeit en eind 2026 uitkomt op circa 8,7 GW.
Samen brengen colocatie en eigen hyperscaler-datacenters de Europese markt daarmee richting 13 GW.
Bijna drie keer zoveel nieuwe capaciteit in tweede kwartaal
Ook de daadwerkelijke bouwproductie lag in het tweede kwartaal aanzienlijk hoger dan aan het begin van het jaar. In totaal kwam in Q2 ongeveer 685 MW nieuwe colocatie- en hyperscaler-capaciteit beschikbaar. Dat is bijna drie keer zoveel als in het eerste kwartaal.
Colocatieproviders voegden 352 MW toe, tegenover 239 MW in het eerste kwartaal. Daarnaast werd ongeveer 333 MW nieuwe hyperscaler self-build-capaciteit operationeel.
Opvallend is vooral waar deze capaciteit wordt gerealiseerd. Slechts 37 procent, ongeveer 252 MW, werd in de vijf grootste Europese datacentermarkten gebouwd: Frankfurt, Londen, Amsterdam, Parijs en Dublin, gezamenlijk aangeduid als FLAPD.
De overige 63 procent kwam elders in Europa beschikbaar. Alleen al buiten de FLAPD-markten werd in het tweede kwartaal 433 MW toegevoegd. De grafiek op pagina 2 van het rapport maakt de verschuiving duidelijk zichtbaar: het grootste deel van de groei vindt inmiddels buiten de klassieke datacenterhubs plaats.
Elektriciteit bepaalt steeds vaker de locatie
De belangrijkste verklaring is volgens CBRE de beschikbaarheid van elektriciteit. In veel traditionele datacentermarkten is het moeilijk geworden om op korte termijn grote vermogensaansluitingen te verkrijgen.
Dat probleem speelt bijvoorbeeld in Frankfurt en Amsterdam, maar ook in andere gevestigde datacenterclusters. Netcapaciteit, vergunningsprocedures en de beschikbaarheid van geschikte grond vertragen nieuwe projecten.
Datacenteroperators zoeken daarom vaker naar locaties waar voldoende schaalbare elektriciteitscapaciteit beschikbaar is. Hierdoor winnen secundaire en zelfs tertiaire markten snel aan betekenis.
Die ontwikkeling is inmiddels ook zichtbaar aan de vraagzijde. In het tweede kwartaal werd 260 MW colocatiecapaciteit opgenomen, vrijwel evenveel als in het eerste kwartaal. Maar liefst 55 procent daarvan vond plaats buiten de vijf grote FLAPD-markten.
CBRE noemt onder andere Groningen, Brussel, Barcelona en locaties in Noorwegen als markten waar de vraag toeneemt.
Groningen profiteert van krapte in Amsterdam
Voor Nederland is vooral de ontwikkeling rond Amsterdam opvallend. De Amsterdamse colocatiemarkt noteerde in het tweede kwartaal slechts 12 MW take-up.
Volgens CBRE heeft dat weinig te maken met een gebrek aan belangstelling. De belangrijkste oorzaak is juist het tekort aan beschikbare capaciteit, met name in Schiphol-Rijk, het grootste datacentercluster rond Amsterdam.
Daar staat tegenover dat Groningen in hetzelfde kwartaal meer dan vijf keer zoveel take-up registreerde als Amsterdam.
Daarmee wordt Groningen een concreet voorbeeld van de verschuiving binnen de Europese markt. Organisaties die in Amsterdam moeilijk of niet voldoende capaciteit kunnen vinden, kijken naar alternatieven elders in Nederland.
Een vergelijkbare beweging ziet CBRE richting Brussel. Ook daar neemt de opname toe doordat capaciteit in de traditionele markten schaarser wordt.
Londen blijft sterk door cloud en AI
Londen laat een ander beeld zien. Daar werd in het tweede kwartaal ongeveer 49 MW opgenomen. Volgens CBRE wordt de vraag gedragen door zowel hyperscalers als ondernemingen die capaciteit zoeken voor cloud- en AI-infrastructuur.
CBRE verwacht bovendien dat Londen eind 2026 van alle FLAPD-markten de grootste groei in beschikbare capaciteit zal hebben doorgemaakt.
In Parijs was de markt in de eerste helft van het jaar juist relatief rustig. De take-up kwam uit op slechts 7 MW. Toch verwacht CBRE een sterke versnelling in de tweede helft van het jaar. Voor heel 2026 wordt een record van 138 MW voorspeld.
Daarbij noemt het onderzoeksbureau drie belangrijke aanjagers: hyperscalers, sovereign cloud en sovereign AI.
Frankfurt kampt met extreem lage leegstand
De krapte wordt misschien wel het duidelijkst zichtbaar in Frankfurt. De wholesale-leegstand kwam daar in het tweede kwartaal uit op slechts 4,6 procent, de laagste van alle grote Europese markten.
Tegelijkertijd blijft de vraag hoog. Tussen 2021 en 2026 werd in Frankfurt volgens CBRE in totaal 762 MW aan take-up geregistreerd, meer dan in iedere andere Europese markt.
Frankfurt blijft aantrekkelijk vanwege de centrale ligging, de sterke netwerkconnectiviteit en de aanwezigheid van veel gespecialiseerd personeel. Vooral voor toepassingen waarbij latency belangrijk is, blijft de Duitse financiële hoofdstad een belangrijke locatie.
Nieuwe capaciteit realiseren is echter ingewikkeld. Het verkrijgen van elektriciteitsvermogen en vergunningen kan jaren duren. Daarnaast zorgt nieuwe regelgeving rond energie-efficiëntie voor extra eisen aan datacenteroperators.
Sommige projecten die al in aanbouw waren, moesten volgens CBRE zelfs opnieuw worden ontworpen om aan de nieuwe voorschriften te voldoen.
Desondanks verwacht het onderzoeksbureau dat Frankfurt uiteindelijk Londen zal inhalen als grootste Europese colocatiemarkt. In 2027 en 2028 zou in Frankfurt gezamenlijk meer nieuwe capaciteit moeten worden opgeleverd dan in Amsterdam en Dublin samen.
Veel capaciteit al verkocht vóór oplevering
De krapte heeft ook gevolgen voor de manier waarop datacentercapaciteit wordt verkocht. Een groot deel wordt al gereserveerd voordat een datacenter daadwerkelijk operationeel is.
Van de colocatiecapaciteit die in de eerste helft van 2026 in de FLAPD-markten werd opgenomen, was ongeveer 77 procent al in 2025 gecontracteerd. Een jaar eerder lag dat percentage nog op 67 procent. Buiten de grootste markten ging het om ongeveer de helft van de capaciteit.
Pre-letting wordt vooral gebruikt door hyperscalers en neoclouds die op specifieke locaties capaciteit nodig hebben. Dat kan bijvoorbeeld dicht bij een bestaande cloud availability zone zijn, maar ook in de buurt van een productielocatie van een klant. Wanneer geschikte datacenters schaars zijn, wordt capaciteit steeds vroeger vastgelegd.
Europese leegstand blijft laag
Ook op Europees niveau blijft de beschikbare ruimte beperkt. In de vijf grote markten daalde de colocatieleegstand in het tweede kwartaal van 8,3 procent naar iets minder dan 8 procent.
In de rest van Europa ligt de leegstand hoger. CBRE verwacht daar eind 2026 een percentage van ongeveer 19 procent. Dat komt onder andere doordat buiten de grote hubs relatief meer capaciteit beschikbaar is die bedoeld is voor enterprise-klanten en daardoor minder snel volledig wordt verhuurd.
Toch is ook daar sprake van structurele krapte. De leegstand buiten FLAPD is volgens CBRE in ongeveer tien jaar tijd meer dan gehalveerd. De vraag groeit sneller dan operators nieuwe capaciteit kunnen toevoegen.
Het onderzoeksbureau trekt daarom een vrij duidelijke conclusie: in Europa is op dit moment feitelijk nauwelijks direct beschikbare grootschalige wholesale-capaciteit.
Stroom wordt belangrijkste vestigingsfactor
De cijfers over het tweede kwartaal laten daarmee een markt zien die niet alleen groter wordt, maar ook fundamenteel van karakter verandert. Cloud blijft groeien, maar AI voegt daar een nieuwe categorie klanten aan toe die vaak in één keer tientallen of zelfs honderden megawatts nodig heeft. Daarmee wordt de beschikbaarheid van elektriciteit steeds bepalender.
De traditionele Europese datacentersteden blijven belangrijk vanwege hun connectiviteit, cloud-ecosystemen en concentratie van klanten. Maar juist doordat beschikbare stroom en bouwmogelijkheden daar schaars worden, verschuift een groter deel van de groei naar nieuwe regio's.
Voor landen, regio's en datacenteroperators betekent dit dat de Europese marktkaart opnieuw wordt getekend. Niet alleen Frankfurt, Londen, Amsterdam, Parijs en Dublin bepalen waar de volgende generatie digitale infrastructuur wordt gebouwd. Groningen, Brussel, Scandinavische locaties en andere secundaire markten spelen een steeds grotere rol.
Als de huidige ontwikkeling doorzet, zal de vraag naar AI-infrastructuur die verschuiving waarschijnlijk verder versnellen. De Europese datacentermarkt groeit richting 13 GW, maar waar die volgende gigawatts precies terechtkomen, wordt uiteindelijk in belangrijke mate bepaald door één steeds schaarsere grondstof: beschikbare elektriciteit.
Meer over
Lees ook
Nieuwe technologie kan AI-berekeningen naar het elektriciteitsnet verplaatsen
De EU wil dat datacenters een duurzamer onderdeel van het energiesysteem worden. Een onderzoeker van de toonaangevende universiteit voor energieonderzoek in Europa, de Universiteit van Aalborg, heeft een technologie ontwikkeld waarmee bestaande energiecentrales een deel van de AI-berekeningen kunnen overnemen en zo zowel datacenters als elektricit1
Infineon en Eaton zetten SiC in voor 800V DC-infrastructuur in AI-datacenters
De omschakeling naar 800 volt gelijkstroom in AI-datacenters krijgt opnieuw een impuls. Infineon en Eaton gaan samenwerken aan solid-state transformers die hoogvermogen AI-infrastructuren efficiënter op het elektriciteitsnet moeten aansluiten. Daarbij speelt siliciumcarbide, kortweg SiC, een belangrijke rol. Infineon gaat SiC-vermogenscompone1
Er is iets onverwachts aan de hand met het energieverbruik van datacenters
Volgens onderzoeksjournalisten die samenwerken voor Lighthouse reports zijn datacenters in Europa, dus ook in Nederland, goed in het verzwijgen of verhullen van het werkelijke water- en energieverbruik. Die melding haalt de pers een week na de Europese Commissie een eerste EED (Europese energie-efficiëntierichtlijn) rapportage online heeft ge1




