Digitale Infrastructuur in België: tijd voor visie en versnelling

Waar liggen vandaag de kansen en belemmeringen voor de Belgische datacenter- en glasvezelsector? Wat gaat er goed en waar is nog werk aan de winkel? Friso Haringsma, CEO van Datacenter United en oprichter van de BDIA (Belgian Digital Infrastructure Association) en Jean Paul Rooseleer, Regional Manager Belgium/Luxembourg, Reichle & De-Massari (R&M), geven hun visie in een duo-interview…
Een zeer aantrekkelijk alternatief
Friso Harinsgma: “Ik ben het daarmee eens. België zal nooit een fiber-metropool worden zoals Frankfurt of Amsterdam, maar we kunnen ons scherper positioneren als de logische hub voor partijen die de verzadiging in Nederland en Duitsland willen vermijden. De mogelijke groei van datacenters hier is nog enorm, terwijl in Nederland die ontwikkeling al tien jaar geleden is ingezet. Europa legt bovendien strengere rapportageverplichtingen op, wat migratie naar cloud en hybride oplossingen kan stimuleren. AI zal die vraag alleen maar verder vergroten, al moet dat zich nog uitkristalliseren.”
“FTTH- en glasvezeldichtheid, gecombineerd met een sterk dark-fiber-aanbod, zijn cruciale factoren voor de Belgische markt. Dankzij het open wholesale-model en de hoge metrodichtheid is het Belgische fibernetwerk inmiddels beschikbaar voor meer dan 45 wholesale-partners en zijn ruim 2,4 miljoen adressen al “connectable”. Voor datacenters betekent dit een betere toetreding voor carriers, redundante routes en een lagere last-mile-latency richting enterprise- en overheidsloads die deels on-premise blijven.”
“Vanuit de BDIA zien we echter een aantal belangrijke roadblocks. De eerste is het ontbreken van een duidelijke visie. Dat blijft essentieel: er moet een gezamenlijke visie worden ontwikkeld. Die visie kan pas geloofwaardig zijn als er ook inzicht is in de industrie zelf, en in de waarde die deze sector vertegenwoordigt voor de samenleving. Denk daarbij aan de bijdrage aan de digitale BNP van het land, de werkgelegenheid en de bredere economische ondersteuning. Dit is momenteel vaak onvoldoende zichtbaar, terwijl de sector indirect heel wat mensen en belangrijke activiteiten ondersteunt. We moeten dit verhaal duidelijk en overtuigend vertellen, zodat er op basis daarvan een visie kan ontstaan. Dat zou voor alle bedrijven in de sector een grote meerwaarde zijn. Het belang van de sector moet helder worden voor alle betrokken partijen, waarna ook een passend regelgevend kader kan volgen. Eventueel zou er een fasttrack-aanpak of een andere werkwijze ingevoerd kunnen worden om de urgentie te benadrukken en belangrijke projecten sneller te realiseren.”
“Een ander punt betreft de beschikbaarheid van geschoolde werkkrachten. Techniek blijft in opleidingen nog steeds een ondergeschoven kindje. Daar proberen we verandering in te brengen. Zo zijn we samen met Syntra gestart met een opleidingstraject tot datacenter-technieker. Dat vraagt een breed palet aan kennis dat momenteel nauwelijks op de arbeidsmarkt te vinden is. Dit is niet enkel een opleidingsinitiatief, maar sluit aan bij de bredere digitale ambitie van België. Zonder structurele instroom van technisch talent blijft digitale soevereiniteit een lastig verhaal. Om de groei van de sector te faciliteren en te ondersteunen, moeten we zorgen voor een structurele instroom van technisch talent. Vandaag zien we dat datacenters vooral personeel bij elkaar wegplukken, terwijl er nauwelijks nieuw bloed bijkomt. Opleiden is dus de enige weg, al is het een lang traject. Het draagt echter ook bij aan de positie van België in de internationale context. Tot slot: als ik met investeerders praat, merk ik dat België niet in hun top drie staat. Het land slaagt er moeilijk in om zichzelf goed te verkopen. Daarom is het cruciaal om de voordelen en kansen van België duidelijker naar voren te brengen. Er bestaan bijvoorbeeld fiscale stimuli, maar die worden te weinig uitgelicht.”
Een positieve rol
Jean Paul Rooseleer: “Daarom moeten we niet alleen met gespecialiseerde vakbladen in gesprek gaan, maar ook naar buiten treden: bijvoorbeeld via weekendmagazines, sociale media of zelfs platforms die jongeren aanspreken. Een van de interviews die we als R&M België hebben gegeven, ging over de uitrol van het datacenter voor de supercomputer in Gent. Tijdens de Covid-periode speelde die supercomputer een cruciale rol. Supercomputers werden wereldwijd met elkaar verbonden, en zo zorgde deze installatie ervoor dat vaccins tegen het coronavirus veel sneller konden worden ontwikkeld. Dankzij de enorme rekenkracht en simulaties die de supercomputer mogelijk maakte, konden wetenschappers hun onderzoek versnellen. Dat is een tastbaar voorbeeld dat mensen aanspreekt. Tegelijkertijd is het goed om mensen bewust te maken van hoe zij invloed hebben op datacenters en het Internet. Onlangs las ik nog dat in een bepaald land werd opgeroepen om oude foto’s van mobiele telefoons te verwijderen, omdat de capaciteit en het energieverbruik van datacenters in het gedrang kwamen. De gemiddelde gebruiker staat echt niet stil bij zulke gevolgen.”
“De link tussen de gebruiker en de achterliggende infrastructuur is vandaag vaak helemaal zoek. Iedereen denkt dat ‘het internet’ of ‘de cloud’ gewoon in de lucht hangt, maar er is een heel fysieke infrastructuur en enorme hoeveelheid energie nodig om dit allemaal mogelijk te maken. Ook de eindgebruiker zou in die discussie betrokken moeten worden.”
“Neem bijvoorbeeld AI en de vele datacenters die daarvoor worden gebouwd. Veel mensen denken al snel: AI gaat mijn job overnemen, straks zit ik werkloos thuis. Dat creëert geen enthousiasme voor digitalisering, integendeel: het wekt eerder wantrouwen en afkeer. Hier ligt dus ook voor de media en de sector een kans om een positieve rol te spelen en nuance aan te brengen.”
De vorige blogs in deze reeks vindt u hier en hier.
Friso Haringsma, CEO Datacenter United, oprichter BDIA (Belgian Digital Infrastructure Association) Jean Paul Rooseleer, Regional Manager Belgium/Luxembourg, Reichle & De-Massari (R&M)
Meer over
Lees ook
Digitale Infrastructuur in België: Een kip-en-ei-situatie
Waar liggen vandaag de kansen en belemmeringen voor de Belgische datacenter- en glasvezelsector? Wat gaat er goed en waar is nog werk aan de winkel? Friso Haringsma en Jean Paul Rooseleer geven hun visie in een reeks blogs.
EXA Infrastructure lanceert Project Visegrád: grootste glasvezelbackbone in Centraal-Europa in 25 jaar
EXA Infrastructure wil met Project Visegrád een stevige impuls geven aan de digitale infrastructuur van Centraal-Europa. Het project, geïnspireerd op de historische alliantie tussen Polen, Tsjechië, Slowakije en Hongarije, introduceert volgens het bedrijf de grootste glasvezelbackbone in de regio
Cybersecurity zit óók onder de grond: glasvezelnetwerken en sabotage
We investeren massaal in cybersecurity. Firewalls, intrusion detection, DDoS-bescherming en geavanceerde monitoringtools zijn inmiddels gemeengoed. En dat is natuurlijk ook cruciaal . Maar terwijl de digitale verdediging op de actieve laag almaar sterker wordt, blijft één kwetsbare laag vaak onderbelicht: de passieve laag – de fysieke glasvezelver1



