Nederland heeft een klimaatstresstest voor datacenters nodig

“Te weinig Nederlandse en Belgische bedrijven zijn zich bewust van het feit dat de klimaatverandering nu al een concreet risico vormt voor hun bedrijfscontinuïteit.” Zo begint een persbericht dat Siemens onlangs rondstuurde. Ook in de datacenterwereld is het erg stil als het gaat om klimaatverandering. Terwijl zware stormen en hevige regenbuien tot langdurige verstoring van bijvoorbeeld de energievoorziening kunnen leiden. Het wordt tijd voor een klimaatstresstest voor datacenters. 

Op het moment van schrijven van dit artikel hebben we net een stevige storm achter de rug die met name in Polen en Tsjechië tot veel wateroverlast en zelfs de dood van enkele mensen heeft geleid. Maar ook in Nederland – Delfzijl bijvoorbeeld – hadden we onlangs last van veel water en liepen onder andere kades onder. Bovendien komt zojuist een bericht binnen uit de Franse media dat enorme wateroverlast de Parijse zakenwijk La Défense onbereikbaar heeft gemaakt. La Défense is een economisch zeer belangrijke regio van de Franse hoofdstad, waar veel hoofdkantoren zitten van verzekeringsmaatschappijen, IT-concerns en dergelijke.

Maatregelen nodig

Langzaam maar zeker hebben we de afgelopen periode een verandering gezien binnen het bedrijfsleven. Steeds meer directies zien in dat er maatregelen nodig zijn. Want of er nu wel of niet sprake is van een structurele verandering van het klimaat in ons land, duidelijk is wel dat we geconfronteerd worden met – laten we zeggen – ‘ander weer’ dan we gewend zijn. Die veranderende weersomstandigheden kunnen ook impact hebben op de continuïteit van bedrijven.

Voor een waterrijk land als Nederland dat bovendien voor een belangrijk gedeelte onder de waterspiegel ligt, is klimaatverandering een punt dat bovenaan de agenda staat. Vandaar dat de overheid inmiddels op meerdere manieren in actie is gekomen. De plannen die hier ontwikkeld worden, kunnen tevens goed van pas komen in de datacenterindustrie. De centrale vraag die hierbij speelt: bedreigt klimaatverandering de toonaangevende positie van Nederland als datacenter-land? En wat kunnen we doen om dit te voorkomen? Sterker nog: kunnen we hier wellicht juist een concurrentievoordeel uit halen?

Bedreigt klimaatverandering de toonaangevende positie van Nederland als datacenter-land?

140 pagina’s

Een goed startpunt om deze discussie op gang te brengen, is een document genaamd ‘Deltaprogramma 2018 – Doorwerken aan een duurzame en veilige delta’. Het ruim 140 (!) pagina’s dikke rapport omvat onder andere een Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie.

Interessant aan dit adaptatieprogramma is dat gekeken wordt naar de vraag hoe gemeenten in ons land zijn voorbereid op klimaatverandering. Een stad als Rotterdam is bijvoorbeeld heel bewust bezig om ruimte in de stad te creëren voor grote hoeveelheden water. Het idee is dat als er plotsklaps veel meer water in de stad aanwezig is, dat water dan ergens heen moet. Het dient tijdelijk opgevangen te worden en daar zijn weldoordachte maatregelen voor nodig. Dus worden parken geschikt gemaakt om bij wateroverlast tijdelijk onder water te lopen. Hetzelfde geldt voor parkeergarages en andere grote ruimtes die gemakkelijk grote hoeveelheden water kunnen herbergen. En zelfs huizenbezitters wordt gevraagd hun tuin niet volledig te betegelen, maar ruimte te laten om water in de grond te laten wegzakken. Alles bedoeld om te voorkomen dat water ‘spontaan’ het laagste punt gaat opzoeken, waardoor huizen en bedrijven onder water komen te staan. En zo’n bedrijf kan natuurlijk ook een datacenter zijn.

Uitgebreid geanalyseerd

In het adaptatieprogramma wordt deze situatie uitgebreid besproken en geanalyseerd. De problemen die kunnen ontstaan gaan heel ver en hebben zowel direct als indirect invloed op onze leefomgeving. Zware stortbuien kunnen leiden tot overstromingen. Waardoor kelders van bedrijven en woningen kunnen onderlopen. Maar duidelijk is ook dat Nederland te weinig capaciteit heeft om de verwachte hoeveelheden water via het openbaar riool af te voeren. En riolen die overstromen veroorzaken niet alleen wateroverlast, maar ook hygiënische problemen. Met alle gevolgen van dien voor bijvoorbeeld bedrijven die voedsel produceren. Of ziekenhuizen en verzorgingstehuizen.

Wateroverlast brengt ook de energievoorziening van straten, wijken of bedrijfsterreinen in gevaar. Dat is in het verleden al wel gebeurd in ons land, maar met de hevige buien die we nu mee maken en die naar verwachting eerder steviger dan minder heftig worden, is de kans op meer verstoringen zeker aanwezig. Bovendien kan de verstoring langduriger worden. Dat leidt tot tal van nieuwe situaties. Als een stad of een belangrijk deel daarvan langdurig – lees: enkele dagen of wellicht zelfs weken – zonder stroom zit, zal de overheid samen met de energiemaatschappijen nadrukkelijk prioriteiten stellen in het herstellen van de energievoorziening. Wie eerst? Ziekenhuizen en bijvoorbeeld verzorgingstehuizen waar kwetsbare mensen wonen? Of een bedrijfsterrein waar enkele fabrieken of handelsbedrijven staan? De keuze lijkt duidelijk.

Gemeenten voorop

Zo kunnen we ons nog veel meer gevolgen van klimaatverandering voor het functioneren van maatschappij en economie voor de geest halen. Zware stormen met veel omvallende bomen kunnen toegangswegen tot bedrijfsterreinen, maar ook complete snelwegen afsluiten. Afgelopen zomer was het onder water staan van nog geen 50 meter snelweg voldoende om het verkeer in en om Parijs volledig te verlammen. Maar denk ook aan de gevolgen van blikseminslagen en dergelijke.

Kortom, er komt een groot aantal nieuwe uitdagingen op lokale overheden af. Een van de interessante aanbevelingen die in het adaptatieprogramma 2018 wordt gedaan, is dan ook het ontwikkelen van een klimaatstresstest voor gemeenten. Aan de hand van zo’n test kunnen gemeenten vaststellen hoever zij zijn met de voorbereidingen op de gevolgen van klimaatverandering.

Scenario’s doorrekenen

Stresstesten kennen we al uit de financiële wereld. Hierbij worden banken verplicht om een aantal door de Nederlandse Bank of de ECB opgestelde scenario’s door te rekenen. Bijvoorbeeld: wat gebeurt er met de financiële gezondheid van de bank als de beurs plotsklaps 25% daalt, de rente verdubbelt en 10% van de huishoudens niet meer kan voldoen aan de hypotheekverplichtingen? Het is maar een willekeurig voorbeeld, maar een bank is bij een stresstest verplicht om de impact van zo’n scenario door te rekenen en de resultaten daarvan te rapporteren.

Het adaptatieprogramma 2018 stelt nu voor gemeenten eveneens aan een stresstest te onderwerpen. Opnieuw een – zeg maar – ‘wild’ voorbeeld van een scenario: wat gebeurt er in een gemeente als we te maken krijgen met een week lang hevige stortbuien waarbij een nader aan te geven hoeveelheid regenwater valt? Terwijl tegelijkertijd door een blikseminslag het gemeentehuis afbrandt en door een storing in het hoogspanningsnet de energievoorziening in een aantal woonwijken én drie bedrijfsterreinen verstoord raakt? Bovendien blijken de UPS-systemen van het lokale ziekenhuis weliswaar te functioneren, maar wil een van de twee generatorsets niet starten. Nog afgezien van het feit dat men diesel op voorraad heeft voor 4 dagen, terwijl de stroomstoring inmiddels zijn vijfde dag in gaat. Bovendien staat als gevolg van de stroomstoring een belangrijke verkeersbrug in de stad ‘open’, waardoor een cruciale verkeersader in de gemeente onbruikbaar is en brandweer en ziekenwagens continu vast staan in het vastgelopen verkeer.

Moet een voor ons land cruciale economische activiteit als de datacentersector zich niet gaan voorbereiden op dit soort rampscenario’s?

Klimaatstresstest voor dc’s

Niemand weet of dit soort scenario’s werkelijkheid gaan worden. Maar kennelijk neemt de overheid deze dreiging inmiddels dusdanig serieus dat men klimaatstresstests voor gemeenten voorstelt. Wat natuurlijk onmiddellijk de vraag oproept of een voor ons land cruciale economische activiteit als de datacentersector zich niet eveneens moet gaan voorbereiden op dit soort rampscenario’s?

Dat maakt het persbericht van Siemens ook zo relevant. Want heel Nederland lijkt zich inmiddels bewust van de risico’s van klimaatverandering, maar doen we er als bedrijfsleven wel voldoende aan? Terwijl ‘business continuity’ in tijden van verandering juist extreem belangrijk is.

Ook in de Nederlandse datacenter-industrie lijkt dit onderwerp nog niet echt te leven. Terwijl de digitale sector voor ons land economisch erg belangrijk is en we met onze geografische ligging extra gevoelig zijn voor extreme wateroverlast.

Formeel certificeren

Bij onze grote concurrent op datacentergebied Engeland is men zich inmiddels wél bewust van dit risico. De Britse overheid heeft zelfs al een rapport laten opstellen waarin dieper wordt ingegaan op de gevolgen van ‘climate change’ voor datacenters. Al lijkt het rapport politiek gezien wat moeilijk te liggen bij de Britten.

Strategisch gezien is er alles voor te zeggen om als branche een eigen – zeg maar – klimaatstresstest voor datacenters te ontwikkelen. Enerzijds is het defensief erg belangrijk: we verdienen als land veel geld met datacenters en gerelateerde diensten.

Strategisch gezien is er alles voor te zeggen om als branche een eigen klimaatstresstest voor datacenters te ontwikkelen

Maar er is ook een offensief argument waarom een dergelijke dedicated stresstest voor datacenters belangrijk is: concurrentievoordeel. Hoe eerder we als Nederland aan bestaande en potentiële nieuwe klanten kunnen laten zien dat we – zelfs – op klimaatverandering zijn voorbereid, geeft dat Nederland als vestigingsplaats een duidelijk voordeel. Zeker als we ook nog eens de resultaten kunnen laten zien van nationaal opgestelde stresstesten waar we bij voorkeur ook nog een formele certificering aan koppelen. Tijd dus voor een actieplan.

Robbert Hoeffnagel, hoofdredacteur DatacenterWorks

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *