Ontwerp het ideale datacenter

Datacenters staan onder steeds grotere druk. Ontwikkelingen als cloud en big data vergroten de behoefte aan capaciteit en bandbreedte. Een glasvezelbekabeling is een logische upgrade, het verhoogt de maximale bandbreedte van 10 naar 40 Gb en hoger. Maar een overstap vereist de nodige overwegingen.

Vier factoren om rekening mee te houden.

1. De architectuur van het datacenter 

Het traditionele ontwerp van het datacenter was gericht op de ondersteuning van noord-zuid-verkeer. Maar door ontwikkelingen als virtuele netwerken, cloud en vlakke layer-2-netwerken levert die opzet al snel ontoelaatbare vertragingen op. Een efficiëntere, moderne architectuur is de zogeheten ‘leaf-spine’-topologie, ook wel ‘fat tree’ genoemd. Dat maakt een aggregatie-switch overbodig en verbetert de doorstroming. Een leaf-spine-topologie verhoogt het aantal verbindingen tussen de switches. Dat ontlast de verbindingen die bij een traditionele architectuur doorgaans dichtlopen. Bij de overstap naar glasvezel is deze opzet veel effectiever dan blijven bij een ouderwets noord-zuid-pad.

2. Ruimteproblemen 

Een glasvezel-shelf met een hoge dichtheid biedt flexibiliteit die onafhankelijk is van de datasnelheid. De rackruimte van het datacenter is daarbij een primaire overweging. Ga je verder dan 10G, dan zijn er verschillende opties:

  • Het opnemen van vier 10 Gb/s SFP+ transceiver-verbindingen die aan de andere zijde zijn samengevoegd tot een 40 Gb/s QSFP+ via een QSFP+-fanout-kabel MBO naar 8 LC’s.
  • Deze kunnen bovendien van onderling verbonden QSFP+ transceiver-banken worden voorzien.

3. Sneller dan 40G 

20120118-AK7_9404De netwerksnelheid zit nog lang niet aan zijn max. Toekomstige upgrades zullen snelheden van 100 Gb/s en hoger mogelijk maken. Daarvoor is het volgende vereist:

  • Een CXP-formaat, dat voor Ethernet 10 paden van 10 Gb/s heeft en 100 GB/s-connectiviteit levert. Populair is het gebruik van een ruimtebesparende 100G/120G-CXP met een hoge dichtheid. Deze installatie benut de kanalen van 10G per pad om de 10G-gegevens naar elke gewenste locatie in het datacenter te distribueren.
  • Een alternatief voor het opsplitsen van een CPX van 120 Gb/s is een aansluiting hiervan op drie afzonderlijke QSFP+’en van 40 Gb/s, waardoor meerdere combinaties mogelijk worden.

4. Opslag 

De Fibre Channel-toepassing wint steeds meer aan populariteit, dankzij de neerwaartse compatibiliteit, voordelige toepassingen en het upgradegemak. De nieuwe variant voor OM4 bij 32GFC is 3200-M5F-SN-I met een bereik tot 100m, via duplex glasvezel. Ook wordt een 128G-variant gestandaardiseerd, die gebruik maakt van parallelle glasvezels en de MPO-connector.

Migratiehulp 

Het migreren naar glasvezel in het datacenter is beslist geen sinecure. Datacenterspecialist CommScope heeft een duidelijke handleiding die tekst en uitleg geeft bij de verschillende stappen in het proces. Laat uw e-mail adres achter en wij sturen u de handleiding toe.

[contact-form-7 id=”5812″ title=”CommScope migratiehandleiding”]

Chris Putman is Technical Manager Benelux bij Commscope

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.